Wat mag er mee in de taxi? Bagage, kinderzitje en hond
Is een kinderzitje verplicht in de taxi? Dat is veruit de meestgestelde vraag uit dit rijtje, en het antwoord verrast bijna iedereen: in een taxi gelden andere regels dan in uw eigen auto. Hieronder staat wat er wél en niet mee mag — kinderen, koffers, een fiets, een hond, een rolstoel — met per onderwerp de regel én wat het op de dag zelf voor uw rit betekent.
Een kinderzitje in de taxi: hier wijkt de regel af van uw eigen auto
In uw eigen auto is de regel helder. Een kind dat kleiner is dan 1,35 meter moet in een goedgekeurd en passend kinderzitje, voorin en achterin. Daar valt niet over te onderhandelen, en dat weet vrijwel elke ouder.
In een taxi ligt het anders. Zit er geen kinderbeveiligingssysteem in de wagen, dan mag een passagier die kleiner is dan 1,35 meter zonder kinderzitje mee — op voorwaarde dat hij achterin zit. Rijksoverheid noemt daarbij expliciet dat kinderen jonger dan drie jaar in een taxi of bus geen kinderzitje hoeven te gebruiken. Die uitzondering staat in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens en is er om een praktische reden: een taxi kan onmogelijk voor elke denkbare leeftijd een passend zitje aan boord hebben.
Twee dingen horen daar meteen bij.
- Voorin is het verhaal anders. Wil een kind dat kleiner is dan 1,35 meter naast de chauffeur zitten, dan is een passend kinderzitje wél nodig. Zonder zitje hoort het kind achterin.
- De gordel blijft gewoon verplicht. Voor iedereen, voorin en achterin, op elke zitplaats waar een gordel zit. De uitzondering gaat over het zitje, niet over de gordel.
Dit is de situatie in 2026. De regels rond kinderbeveiliging zijn de afgelopen jaren meermaals aangepast, dus kijk ze bij twijfel na op rijksoverheid.nl.
Mag hoeft niet hetzelfde te zijn als verstandig
De regel zegt wat wettelijk is toegestaan. Hij zegt niet dat het de veiligste optie is. Een goed passend zitje beschermt een klein kind nu eenmaal beter dan een gordel die voor een volwassen lichaam is ontworpen — daar is de wetgever ook helder over, en daarom geldt de uitzondering alleen achterin.
Wij hebben een kinderzitje op aanvraag. Reist u met een baby, een peuter of een kleuter, geef dat dan door bij het reserveren: het aantal kinderen en hun leeftijd of lengte. Dan staat het juiste zitje klaar als de auto voorrijdt, in plaats van dat u het op de stoep moet uitzoeken. Een eigen zitje meenemen mag ook; vertel het even, dan houdt de chauffeur er rekening mee bij het inladen.
Hoeveel bagage kan er mee? Dat hangt vooral van de wagen af
Er bestaat geen wettelijk maximum aantal koffers. Wat telt is wat er fysiek in past, en daarin verschillen onze wagens flink:
| Wagen | Passagiers | Ruimbagage (richtlijn) |
|---|---|---|
| Sedan | tot 3 | 3 koffers |
| Taxibusje | 6 of 8 | 6 tot 8 koffers |
| Minibus | 16, 19, 22 of 27 | ruime bagageruimte, afhankelijk van de uitvoering |
Let op de combinatie in plaats van op één getal. Niet het aantal personen bepaalt de wagen, en het aantal koffers ook niet — het is de optelsom. Drie volwassenen die elk met een grote koffer drie weken weggaan, zitten in een sedan al aan de grens. Dan is een taxibusje geen luxe maar gewoon de juiste keuze, en dat is bovendien prettiger rijden dan met een koffer op schoot.
De prijscalculator op onze prijzenpagina vraagt daarom niet alleen naar het aantal personen maar ook naar het aantal stuks ruimbagage, en kiest op basis van allebei de kleinste wagen waar het in past. Meer over de wagens zelf, inclusief de bagageruimte per uitvoering, staat op de pagina over ons wagenpark.
Ski’s, een fiets of een kinderwagen: meld het bij het reserveren
Groot of ongebruikelijk spul kan vaak prima mee, maar niet in elke wagen en niet zonder dat wij het weten. In de taxibusjes is ruimte voor ski’s of fietsen — op aanvraag, omdat we daar de laadruimte voor vrij moeten houden en soms een andere bus inzetten.
Waar we in de praktijk het vaakst naar vragen:
- Een kinderwagen of buggy. Een opvouwbare buggy gaat zonder problemen mee; een grote wandelwagen die niet inklapt, neemt de ruimte van een koffer of meer in.
- Ski’s, snowboards en golftassen. Lang en stug — die bepalen de wagenkeuze, niet het gewicht.
- Een fiets. Kan, mits vooraf afgesproken en meestal alleen in een busje.
- Een muziekinstrument of gereedschapskist. Vooral het formaat telt, en of het rechtop moet blijven staan.
De regel erachter is simpel: alles wat mee moet, moet veilig vastliggen of vaststaan. Los spul achterin een bus is bij een noodstop gevaarlijk, en dat is precies het soort risico waar een chauffeur op let. Eén zin in het opmerkingenveld bij uw reservering voorkomt teleurstelling op de stoep.
Een hond of een ander huisdier mee in de taxi
Hier verwachten veel mensen een landelijke regel, en die is er niet. Geen enkele wet verplicht een taxibedrijf om huisdieren te vervoeren; het is beleid van het bedrijf zelf. Dat verklaart waarom u van de ene vervoerder hoort dat het geen probleem is en van de andere dat het niet kan.
Bij ons geldt: geef het bij de reservering door. Wat voor dier het is, hoe groot, en of het in een bench of reismand kan. Met die informatie zeggen wij vooraf of het lukt en sturen we zo nodig een wagen met meer ruimte. Wat u vooral niet moet doen, is het erop aan laten komen — een chauffeur die met een volle auto voorrijdt en dan pas een hond ziet staan, heeft geen goede oplossing meer.
Een paar dingen helpen altijd: een reismand of bench voor kleine dieren, een deken over de zitting, een riem die kort blijft, en een hond die vooraf is uitgelaten. Niet omdat wij moeilijk doen, maar omdat een dier in een onbekende auto onrustig kan worden, en een onrustig dier hoort niet los door een rijdende wagen te bewegen.
Een hulphond mag altijd mee — dat is wettelijk geregeld
Een assistentiehond is geen huisdier, en de vorige alinea’s gelden er niet voor. Onder de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte staat het weigeren van een assistentiehond gelijk aan het weigeren van de persoon zelf; dat is discriminatie op grond van handicap. Sinds 2016 is ook het VN-verdrag Handicap in Nederland van kracht.
Rijksoverheid legt uit dat een hulphond mee naar binnen mag op plekken waar honden normaal niet welkom zijn, met alleen uitzonderingen waar het onhygiënisch of onveilig zou zijn — een operatiekamer, een restaurantkeuken. Een taxi valt daar niet onder. Een allergie van de chauffeur is uitdrukkelijk geen geldige reden om u te weigeren.
U hoeft dus geen toestemming te vragen. Wel waarderen wij het als u het meldt, en dat is geen tegenstrijdigheid: met die wetenschap plannen we een wagen met voldoende voetenruimte in en weet de chauffeur dat hij niet moet aaien, kietelen of roepen naar een hond die aan het werk is. Dat is een kwestie van fatsoen, niet van toestemming.
Rolstoel, rollator of scootmobiel: het verschil zit in of u blijft zitten
Dit is het onderdeel waar de vraag ‘mag het mee’ eigenlijk de verkeerde vraag is. De juiste vraag is: stapt u over in een gewone stoel, of blijft u in uw eigen rolstoel zitten tijdens de rit?
- U stapt over. Een opvouwbare rolstoel of een rollator gaat dan gewoon mee in de kofferbak of de laadruimte van een sedan of taxibusje. Tel hem wel mee als bagage — hij neemt de plek van een koffer in.
- U blijft in uw rolstoel zitten. Dan is een rolstoeltaxi nodig, met een oprijplaat of een lift en een vastzetsysteem. Onze rolstoeltaxi’s zijn er in verschillende uitvoeringen, voor handbewogen én elektrische rolstoelen, met plek voor meereizende begeleiders of familie.
Bij een rolstoel die tijdens de rit bezet blijft, komt er meer bij kijken dan ruimte alleen: de rolstoel moet aan vier punten worden vastgezet en u krijgt een eigen heupgordel en schoudergordel. Hoe dat precies werkt en waaraan u ziet dat het goed gebeurt, leest u in ons stuk over de Code VVR bij rolstoelvervoer. Alles over de wagens zelf staat op de pagina over rolstoelvervoer.
Een scootmobiel is een verhaal apart. Hij is zwaarder en langer dan een rolstoel en u rijdt er niet in mee tijdens de rit. Meld daarom bij het reserveren welk van de drie het is — rolstoel, elektrische rolstoel of scootmobiel — want dat bepaalt welke wagen wij sturen. Een aanvraag waarin ‘rolstoel’ staat terwijl er een scootmobiel voor de deur staat, is een rit die niet door kan gaan, en dat willen we allebei niet.
Wat wij graag vooraf horen
Bijna alles kan mee. Wat het misgaan laat, is niet het spul maar de verrassing: de chauffeur ziet pas bij de deur wat er echt mee moet en heeft dan geen ruimte meer. Dit lijstje houdt het simpel:
- het aantal personen en hoeveel van hen kinderen zijn, met hun leeftijd of lengte;
- het aantal stuks ruimbagage en of er iets groots bij zit — ski’s, een fiets, een grote wandelwagen;
- een huisdier, met soort en formaat, en of het in een bench kan;
- een rolstoel, rollator of scootmobiel, en of u blijft zitten of overstapt;
- een hulphond, zodat we ruimte inplannen.
Met die vijf punten weten we welke wagen er voor moet komen. Gaat u naar de luchthaven, geef dan ook uw vluchttijd door — hoe wij daarmee uw ophaaltijd terugrekenen, staat in ons stuk over hoe laat u moet vertrekken naar Schiphol.
Meer over hoe een rit bij ons verloopt, leest u op de pagina over taxivervoer. Wilt u eerst weten waar u aan toe bent, bereken dan zelf een richtprijs of bel ons even — dan hoort u meteen of uw fiets, uw hond of uw ski’s mee kunnen. Geen callcenter, maar iemand die de auto ook echt inplant.
De regels over kinderzitjes en gordels komen van rijksoverheid.nl en gelden voor 2026; ze kunnen wijzigen, dus controleer ze voor uw eigen rit. De regel rond assistentiehonden volgt uit de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte. De bagagerichtlijnen in de tabel zijn onze eigen richtlijnen per wagen, geen wettelijke maxima.